Vandaag was er een belangrijke rechtszaak over de beëindiging van de LVV (opvang en begeleiding aan ongedocumenteerde mensen) in Rotterdam. De minister heeft (de betaling aan) die opvang per 1 januari 2025 stopgezet. Volgens de minister kunnen alle ongedocumenteerde mensen naar de Vrijheidsbeperkende Locatie (VBL) in Ter Apel waar ze opvang en medische zorg kunnen krijgen, onder de voorwaarde dat ze meewerken aan hun eigen uitzetting.
De mensen die van de LVV gebruik maakten konden dat alleen doen als er vastgesteld was dat ze géén gebruik konden maken van de VBL. Vanuit de LVV kregen zij allen begeleiding en werd er gewerkt aan een duurzame oplossing.
De minister heeft ineens, zonder naar de individuele omstandigheden of dossiers te kijken, de opvang van iedereen gestopt.
De zaal zat vol. Dat kwam omdat het niet alleen ging over de 23 ongedocumenteerde mensen in Rotterdam in deze specifieke zaak, maar ook over de grotere vraag of de overheid de mensenrechten schendt door mensen op straat te zetten vanuit de LVV.
De zitting ging over veel technische kwesties, zoals de vraag of de minister op deze manier wel beslissingen kan nemen, maar dus ook over de fundamentele onderliggende vragen.
Op basis van onder andere het verbod op onmenselijke behandeling van artikel 3 EVRM en het recente Changu-arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie bepleitte advocaat Pim Fischer namens de ongedocumenteerden, aangevuld door wetenschapper Carolus Grütters en advocaat Jelle Klaas van PILP, dat de minister nooit tot deze beslissingen had kunnen komen.
De uitspraak wordt over zes weken verwacht.
PILP staat ook andere hulporganisaties bij rond het stopzetten van de LVV opvang, zoals SNDVU Seguro uit Utrecht en het Wereldhuis uit Amsterdam.